99

6. van de -a f deeling dei' scheikundig technologie: de hoogleerarer dr. W. Reinders en dr. F. E. C. Scheffer;

7. van do af deeling dei' mijnbouwkunde: de hoogleeraren J. A. Grulterink, m. i. en R. W. van der Veen, m. i.

Hoogleeraren en lectoren.

Bij Koninklijk besluit van 23 Augustus 1919 n°. 22 werd benoemd tot hoogleeraar in de zuivere en toegepaste wiskunde en de mechanica, H. .1. van Veen.

Bij Koninklijk besluit van 30 Augustus 1919 n°. 47 werd benoemd tot hoogleeraar in de mechanische technologie, W. P. Smit. t.

Bij Koninklijk besluit van 8 September 1919 u°. 16 werd aan den hoogleeraur J. Klopper, o. i., op zijn verzoek eervol ontslag verleend. Bij Koninklijk besluit van 11 September 1919 n°. 55 werden benoemd tot hoogleera-ar dr. P, J. H. Baudet, dr. H. Breme-kamp en dr. C. H. van Os in de zuivere en toegepaste wis-kunde en de mechanica.

Bij Koninklijk besluit van 4 October 1919 n°. 44 werd benoemd tot hoogleeraar in de toegepaste mechanica, A. S. Buisman, c. i.

Bij Koninklijk besluit van 27 Mei 1920 n°. 44 is benoemd tot buitengewoon hoogleeraar in de technologie der brand-stoffen, G. A. Brender a Brandis, t.

Bij Koninklijk besluit van 9 Augustus 1919 n°. 15 werden benoemd voor den cursus 1919/1920 tot tijdelijk lector, de heeren J. G. Berck en C. J. Marcus, arts, onderscheidenlijk in den ijk. en de beginselen der verbandleer en eerste hulp bij ongelukken. De hoogleeraren J. Haringhuizen, c. i., G. H. de Vries Broekman, e. i. namen zitting in de Commissie van Overleg in zake oprichting waterloopkundig laboratorium. Be hoogleeraar J. 0. Dijxhoorn. w. i., werd benoemd tot lid van den onderwijsraad. De hoogleeraar J. C. Dijxhoorn, w. i., en de buitengewoon hoogleeraar G. A. Brender a Brandis, t., werden benoemd tot adviseur voor het instituut voor brandstoffeueconomie.

Privaat-docenten.

Bij Ministerieels beschikking van 24 Juli 1919, n°. 2532, afdeeling H. O., werd toegelaten als privaat-docent in de rubbercliemie en rubbertechnologie, de heer dr. A. van Rosseni, t.

Bij Ministerieelo beschikking van 15 Mei 1920. n°. 1751, afdeelinjy H. O., werd toegelaten als privaat-docent in de theoriebeschrijving en ijking van electricitcitemeters, H. W. L. Brückman, e. i.

Bij Ministerieele beschikking van 8 December 1919, n°. 4581. af deeling H. O., werd op zijn verzoek ingetrokken de

toelating als privaat-docent in de hydrologie, van den heer dr. J. Versluys, m. i.

Bij Ministeriele beschikking van 16 Mei 1920, n°. 1750, afdeeling H. O., werd op zijn verzoek ingetrokken de toe-lat ing als privaat-docent in de natuurfilosofie, van den heer dr. J. Clay.

Bij Ministerieele beschikking van 1G Augustus 1920, n°. 2728, afdeeling H. O., werd op zijn verzoek ingetrokken de toelating als privaat-docent in de nieuwe en nieuwste ge-schiedcnits, van den heer dr. W. W. van der Meulen.

Assistenten,

Eervol ontslag op verzoek werd verleend aan de navol-gende assistenten: W. Ascherman; J. A. L. Bouma; H. D. M. Burck, m. i.; B. Freitag, w. i.; Chr. van Geel. e. i.; J. de Graaff, t.: H. C. A. Holleman; J. D. W. Hubbeling. t.: P. Koudijzer; D. E. L. Kruyt, t.: A. W. Langereis; P. M. Matthijsen; A. F. M. H. van der Mee, w. i.; mej. .1. C. Meiss, t.; Mej. N. E. Neleinans, t.; J. J. Rinkes; J. F. Roest; F. Stapff Rzn.; J. A. Verhoeff, t.; J. H. Vermeulen, t.; F. L. F. de Veije, t.; A. Verstege; B. M. Woldringii, e. i., en C. J. de Wolf'f, t.

Benoemd werden in den loop van 1920 tot assistent:

H. 0. Berends; J. Bergmans; J. van Beynum; R. Boom; L. E. den Dooien de Jong; A. J. Ehnle, e. i.; C, Franx, c. i.; mej. G. F. M. J. van Gelder, t.; K. van Gorp; Y. B. F. J. Groeneveld; P. van Groningen, t.; mej. G. P. de Groot. t.; J. Groot; P. H. Hermans; A. G. C. Heuff, c. i.; W. Hildernisse: J. M. Horas; L. de Hoop; J. W. A. van der Horst; W. de Jong; TJ. S. F. Joustra ; mej. E. M. J. Koker; S. B. van Kuyk; mej. L. ï. A. A. de Lange Boom, t.; G. J. Lambert; K. Leendertz; J. W. L. van Ligten; G. F. Mirandolle, t.; mej. G. A. Neeb; mej. P. W. Ouweliand; E. Posthumus: P. Richardus; W. van Rijn van Alkmade, aan wien op verzoek eervol ontslag werd verleend ; G. Schaefer; N. van der Schaft; G. J. H. van der Sluys, w. i., aan wien op verzoek eervol ontslag' werd verleend; \V. A. J. P. Smulders; J. H. F. Sollewijn Gelpke, c. i.; J. Spoel, t.; P. Spruyt Jzn., aan wien op verzoek eervol ont-slag werd verleend; J. J. Tcune; E. van Thiel, t.: J. W. H. TJvtenbogaart. jr.; mej. J. A. van de Velde, t.; C. J. Ver-geer, t.: W. S. Volkers; G. H. Wieneke; M Wildeboer; A. W.. Wrjkniet; mej. H. J. de Wijs, t.; P. F. de Zee; A. W. Zuidweg; F. Zweerts, t.

Benoemd werden in den loop van 1920 tot vast assistent:

E. J. Buiskool: J. van Kersen; H. W. Krijgsman; A. J. Mulder; N. van der Ree, en L. M. van der Valk jr.

Benoemd werden in den loop van 1920 tot tijdelijk hoofd-assistent: J. C. Arkenbout Schokker, s. i.; J. Romp. t., aan wien op verzoek eervol ontslag werd verleend, en 0. Veneman=, w. i.